Spring naar content
Leren en Trainen
Online
Home
Gratis trainingen
Premium trainingen
Nieuws
Contact
0
Bekijk winkelmand
Afrekenen
Geen producten in de winkelmand
Subtotaal:
€
0,00
Bekijk winkelmand
Afrekenen
Zoeken:
close
Home
Gratis trainingen
Premium trainingen
Nieuws
Contact
Examenvragen horend bij huiswerk voorafgaand aan module 3
Je bent hier:
Home
Examenvragen horend bij huiswerk voorafgaand…
Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.
Naam
*
Voornaam
Achternaam
8.1 Wat is het verschil tussen spiegelen en matchen?
*
1. Spiegelen is het compleet kopiëren van het gedrag van de coachee en matchen maar deels
2. Spiegelen is het deels kopiëren van het gedrag van de coachee en matchen geheel
3. Spiegelen en matchen zijn hetzelfde
4. Mtchen gaat over taal en spigelen over gedrag
8.2 Je hebt een coachee die vrijwel alles analyseert, dan heb je maken met
*
1. Een vuur type
2. Een lucht type
3. Een aarde type
4. Een water type
8.3 Je hebt een coachee die vrijwel alles filosofeert, dan heb je maken met
*
1. Een dromer
2. Een denker
3. Een doener
4. Een beslisser
8.4 Wat is een gevaar van een vragenlijst
*
1. De uitkomsten zijn verkeerd
2. De vragen zijn verkeerd
3. De vragenlijst kan een doel worden
4. Alle bovenstaande antwoorden
9.1 Waardoor ontstaat miscommunicatie
*
1. Doordat je vergeet door te vragen
2. Doordat je niet matcht
3. Doordat je niet goed samenvat
4. Door verschillende interpretaties van een woord
9.2 Kinesthetische mensen kun je herkennen aan:
*
1. Inleven, harmonieus, stralend, bezinnen
2. Inleven, emotie, opluchting, vasthoudend
3. Inleven, illustreren, bekijken, bezinnen
4. Inleven, verhelderen, luisteren, snappen
10.1 Goed luisteren
*
1. Is een competentie van de coach
2. Is een kernkwaliteit van de coach
3. Is een doel van de coach
4. Is een grondhouding
10.2 Luisteren samenvatten en doorvragen werkt niet als
*
1. Je langs de coachee kijkt
2. Je matcht met de coachee
3. Je spiegelt met de coachee
4. Je ruimte laat voor stiltes
10.3 Hoe controleer je dat jouw samenvatting klopt
*
1. Die klopt sowieso altijd
2. Door te vragen of je samenvatting klopt
3. Door exact te herhalen wat de coachee zei
4. Door exact te herhalen wat de coacheeI zei en zich gedroeg
10. 4 Wanneer vraag je niet door
*
1. Als je de coachee begrijpt
2. Als je begrip hebt voor de coachee
3. Als je verbaal en non verbaal niet vind kloppen
4. Als de tijd voor de sessie erop zit
11.1 Waarom stel je vragen
*
1. Om de coachee te kunnen antwoorden
2. Is onderdeel van LSD
3. Is het werk van de coach
4. Om de coachee aan zijn eigen antwoorden te helpen
meerdere keuzes mogelijk
11. 2 Wat nu als een coachee een vraagt stelt
*
1. Dan moet je een antwoord geven
2. Dan parkeren we vraag tot aan het einde van de sessie
3. Dan vraag je de coachee waarom nu juist deze vraag wordt gesteld
4. We negeren de vraag en gaan door met ons werk
11.3 Waarom zou je als coach vragen over het verleden kunnen stellen
*
1. Dat doen we als onderdeel van regressietherapie
2. In het verleden behaalde resultaten voorspellen de toekomst
3. Niet, we beperken ons als coach in het hier en nu
4. Ervaringen uit het verleden kun je gebruiken als brug naar het heden
11.4 Lange, korte, ingewikkelde en/of simpele vragen?
*
• Lang en ingewikkeld
• Kort en simpel
• Lang en simpel
• Kort en ingewikkeld
Veiliheid staat voorop; wat is voor jou veiligheid als je straks als coach aan de slag gaat?
Schrijf een veiligheidsprotocol in stappen. Beantwoord hierbij de volgende vragen: Hoe bereid je paard wel of niet voor? Hoe bereid je een nieuwe coachee voor op een sessie en hoe voer je een coachsessie veilig uit. Maak het zo concreet mogelijk.
is de ruimte te klein? Maak dan je eigen document en upload dit en meld dit in deze alinea.
Ben je in het bezit van een geldig EHBO of BHV diploma
ja
nee
nog niet aan gedacht
nee en ik vind het ook niet nodig
nog niet, maar ga ik wel doen
heb je een EHBO koffer en is deze up-to-date?
*
ja, maar niet uptodate
ja en uptodate
nee
Verstuur
Terug naar boven